Week 1 · organisaties en hun samenhang
Inleiding organisatiekunde - week 1 - Organisaties 2627 (z.d.). Vindplaats: 901848, dia 17-35 en notities; afbeeldingen dia 29 en 32Organisaties hebben doelen, mensen en middelen. Samenwerken maakt specialisatie mogelijk, geeft toegang tot hulpbronnen en technologie, helpt reageren op de omgeving, verlaagt transactiekosten en maakt hiërarchie en controle mogelijk. Hoe ingewikkelder het samenwerken en hoe abstracter de doelen, hoe groter de behoefte aan verdeling van bevoegdheden.
Verschijningsvormen en ontwikkeling
De les onderscheidt organisaties naar winst als hoofddoel, grootte en rechtsvorm. Een klein bedrijf kan meer vrijheid, erkenning en een hechte band bieden, maar heeft vaak minder middelen en zekerheid. Een groot bedrijf biedt meer structuur en interne loopbaanmogelijkheden; veranderingen kunnen trager gaan en de individuele vrijheid kan kleiner zijn.
Bij de rechtsvorm vergelijkt de les ondernemingen zonder en met rechtspersoonlijkheid op aansprakelijkheid, leiding en eigendom, continuïteit, publicatieplicht en oprichting. Dit is een vereenvoudigde lesindeling. De lokale bronnen werken uitzonderingen per rechtsvorm niet uit.
| Benadering | Waar de aandacht ligt |
|---|---|
| Scientific management van Taylor | Werk analyseren, nauwkeurig voorschrijven, taken verdelen en efficiënt produceren. |
| General management van Fayol | De organisatie als geheel leiden: plannen, organiseren, opdrachten geven, afstemmen en controleren. |
| Rationele organisatie van Weber | Functies, procedures en selectie op kennis en vaardigheden in plaats van persoonlijke voorkeur. |
| Human relations | Werknemers en sociale aspecten; persoonlijke aandacht kan prestaties beïnvloeden. |
| Revisionisme | Efficiëntie en mensgerichte aandacht verbinden, bijvoorbeeld via taakroulatie en taakverrijking. |
| Systeemtheorie | De organisatie begrijpen vanuit samenhang tussen delen én de omgeving. |
De levenscyclusafbeelding onderscheidt introductie, groei, volwassenheid en neergang. De Greiner-figuur laat groei door creativiteit, leiderschap, delegatie, coördinatie en samenwerking zien. Zij toont een leiderschapscrisis, autonomiecrisis, beheerscrisis, bureaucratiecrisis en overlegcrisis. De Netflix-casus illustreert hoe veranderende omstandigheden en ruimte voor innovatie verschil kunnen maken; de historische bedrijfscijfers uit die casus zijn geen actuele bedrijfsbeschrijving.
Het 7S-model als kapstok
| Dimensie | Betekenis in de les |
|---|---|
| Strategie | Doelen en de manier waarop concurrentievoordeel wordt gezocht. |
| Structuur | Hiërarchische relaties en taakverdeling. |
| Systemen | Inrichting van processen en werkwijzen. |
| Significante waarden | Cultuur en visie van de onderneming. |
| Skills | Kerncompetenties en sleutelvaardigheden. |
| Staf | Mensen en hun kenmerken, zoals opleiding en houding. |
| Stijl | Manier van omgaan met elkaar, waaronder de leidinggevende stijl. |
Strategie, structuur en systemen zijn de harde dimensies: relatief tastbaar en zichtbaar. De overige dimensies zijn zacht. Topmanagement richt zich vooral op strategie, middenmanagement op het tactische niveau en operationeel management op de uitvoering.
Week 2 · strategie en omgeving
2627 iORG - week 2 - Strategie & Structuur 2627 VT - KKWP (z.d.). Vindplaats: 909065, p. 6 en 8-30, inclusief afbeeldingenEen strategie geeft richting aan beslissingen en helpt om met veranderingen om te gaan. Zij verbindt de huidige situatie met de gewenste toekomst. Het strategisch proces bestaat uit vijf stappen: de huidige situatie analyseren, een gewenste toekomst ontwikkelen, een plan bepalen, dat plan invoeren en de resultaten evalueren.
| Analyse | Kapstok | Wat je onderzoekt |
|---|---|---|
| Micro | 7S-model | Interne kenmerken en samenhang van de organisatie. |
| Meso | Stakeholderanalyse en Porter | Direct betrokken partijen en concurrentieverhoudingen in de bedrijfstak. |
| Macro | DESTEP | Demografische, economische, sociaal-culturele, technologische, ecologische en politieke trends. |
De stakeholdermatrix combineert belang en invloed. Hoge invloed en hoog belang vragen om nauw betrekken; hoge invloed met minder belang om tevreden houden. Bij weinig invloed en hoog belang past informeren, bij weinig van beide monitoren. Het vijfkrachtenmodel van Porter kijkt naar bestaande rivaliteit, leveranciers, afnemers, potentiële toetreders en substituten.
SWOT vat de analyses samen: intern sterke en zwakke punten, extern kansen en bedreigingen. Verwissel een gunstige maatschappelijke trend niet met een interne vaardigheid. De uitkomsten helpen richting geven aan de gewenste situatie en de strategie.
| Begrip | Kernvraag |
|---|---|
| Missie | Waarom bestaat het bedrijf, wie is het en wat doet het? |
| Visie | Wat wil het bedrijf zijn en bereiken? |
| Strategie | Hoe gaat het met zijn middelen die doelen bereiken? |
Strategische doelen kunnen economisch zijn, zoals winstgevendheid of marktaandeel, of niet-economisch, zoals milieu, klimaat of gezondheid. De les koppelt duurzaamheid aan SDG’s. Formuleer doelen SMART: specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden. Evaluatie en verbetering maken dit tot een herhalend proces.
Keuzes voor positionering en groei
De algemene keuzes zijn groeien, consolideren of krimpen. Porter onderscheidt kostenleiderschap en differentiatie, gericht op een brede markt of een deelmarkt. Treacy en Wiersema noemen operational excellence, product leadership en customer intimacy. De Blue Ocean-afbeelding zet ongerepte markten met weinig concurrentie tegenover bestaande, drukbevochten markten. De uitgebreide toelichting bij deze strategieën staat in het niet opgehaalde Edumundo-materiaal.
| Ansoff | Producten | Markten |
|---|---|---|
| Marktpenetratie | Bestaand | Bestaand |
| Productontwikkeling | Nieuw | Bestaand |
| Marktontwikkeling | Bestaand | Nieuw |
| Diversificatie | Nieuw | Nieuw |
Volledige samenwerking omvat fusies en overnames. De les noemt ook gedeeltelijke of tijdelijke samenwerking via joint ventures, franchising, licentieverlening en netwerken. De precieze vormen en voorwaarden worden niet op de dia’s uitgewerkt.
Het Business Model Canvas beschrijft hoe een bedrijf waarde creëert, levert en in inkomsten omzet. De negen onderdelen zijn key partners, key activiteiten, key resources, waardepropositie, klantrelatie, kanalen, klantsegmenten, kostenstructuren en inkomstenstromen.
Week 2 · structuur en coördinatie
2627 iORG - week 2 - Strategie & Structuur 2627 VT - KKWP (z.d.). Vindplaats: 909065, p. 32-46, inclusief afbeeldingenStructuur gaat over de manier waarop mensen samenwerken om een doel te halen. De formele inrichting laat relaties en taakverdeling zien. De afbeelding van Mintzberg benoemt strategische top, middenmanagement, uitvoerende kern, technische staf en ondersteunende staf; in de uitgebreide schets staat cultuur daaromheen.
| Coördinatiemechanisme | Hoe het werk wordt afgestemd |
|---|---|
| Onderlinge afstemming | Uitvoerders stemmen rechtstreeks met elkaar af. |
| Rechtstreeks toezicht | Een leidinggevende stuurt het werk aan. |
| Standaardisatie van werkzaamheden | De werkwijze is vooraf vastgelegd. |
| Standaardisatie van kennis en vaardigheden | De vereiste deskundigheid is vooraf bepaald. |
| Standaardisatie van resultaten | De gewenste uitkomst is vooraf bepaald. |
- Definieer functies en taken en leg verantwoordelijkheden en bevoegdheden vast.
- Cluster taken bijvoorbeeld functioneel, naar markt, geografisch of naar product.
- Let op de grootte van de clusters: span of control is de breedte van aansturing, depth of control de diepte van de hiërarchie.
- Onderzoek waar beslissingsbevoegdheden liggen: centraal bovenin of meer verspreid via decentralisatie.
De les toont de eenvoudige structuur, machinebureaucratie, professionele bureaucratie, divisiestructuur en adhocratie. Voor het kiezen en onderbouwen van een configuratie verwijst de opdracht naar Edumundo. De figuren en titels alleen bieden geen volledige uitleg van alle kenmerken.
Workshop · van cijfers naar een infographic
Inleiding organisatiekunde - workshop presenteren 2627 (z.d.). Vindplaats: 915489, workshop presenteren, p. 7-23 en 36-41Begin met doelgroep, doel en kernboodschap. De vijf W’s helpen: wie kijkt er en wat weet die al, wat is de boodschap, waar verschijnt het beeld, waarom is het relevant en wanneer wordt het gezien? Het doel kan informeren, overtuigen, vergelijken, samenvatten of vermaken zijn.
Formuleer de kernboodschap in één zin. De workshop combineert onderwerp, belangrijkste inzicht of cijfer en betekenis voor de doelgroep. Verzamel daarna feiten, zoek breed en controleer. Selecteer informatie op relevantie voor dit verhaal.
- Visuele hiërarchie: toon eerst de kernboodschap, dan belangrijke feiten en cijfers, daarna toelichting. Gebruik grootte, kleur, contrast en positie.
- Groepeer samenhangende informatie met gelijke kleur of vorm en met nabijheid.
- Gebruik witruimte en een vaste uitlijning om rust te geven.
- Beperk lettertypes en kleuren. Zorg voor leesbaarheid en contrast.
- Kies beelden die informatie toevoegen en gebruik iconen consequent.
| Wat je wilt laten zien | Visual volgens de workshop |
|---|---|
| Vergelijking | Staafdiagram |
| Ontwikkeling | Lijngrafiek |
| Verdeling of aandeel | Cirkel- of donutdiagram |
| Eén belangrijk cijfer | Groot getal |
Het programma is een hulpmiddel; de ontwerpprincipes blijven hetzelfde. In de workshop wordt Canva gebruikt met A4 liggend. Infographics worden als PNG gedownload en als afbeelding in de PowerPoint gezet. Vertel bij een oefenpresentatie kort je boodschap en ontwerpkeuzes en verwerk de feedback.
Week 3 · financiële overzichten en afschrijving
Inleiding Organisatiekunde - week 3 - Workshop Financien (z.d.). Vindplaats: 914092, dia 3-21De workshop gebruikt de situatie van een uitwonende student om drie overzichten te verbinden. De balans is een momentopname. De resultatenrekening en het liquiditeitsoverzicht gaan over een periode. De begin- en eindbalans begrenzen die periode.
| Overzicht | Wat staat erin? | Wat leert het je? |
|---|---|---|
| Balans | Bezittingen, eigen vermogen en vreemd vermogen op één moment. | Wat er aanwezig is en hoe dit is gefinancierd. |
| Resultatenrekening | Opbrengsten en kosten in de periode. | Hoe het resultaat ontstaat. |
| Liquiditeitsoverzicht | Werkelijke ontvangsten en uitgaven in de periode. | Waarom het beschikbare geld verandert. |
De activakant onderscheidt vaste en vlottende bezittingen. Aan de passivakant staan eigen vermogen, lang vreemd vermogen en kort vreemd vermogen. Eigen vermogen = totaal activa - vreemd vermogen. Een beginbalans in evenwicht kan als uitgangspunt naar de eindbalans worden gekopieerd; daarna verwerk je de gebeurtenissen van de periode.
Op de resultatenrekening ga je van omzet via inkoopwaarde naar brutowinst. Na overige operationele kosten volgt het bedrijfsresultaat. Daarna worden onder meer rente en belasting verwerkt om tot netto winst of verlies te komen. Op het liquiditeitsoverzicht is het eindsaldo gelijk aan beginsaldo plus ontvangsten minus uitgaven.
- Een direct ontvangen opbrengst komt bij de opbrengsten en bij de ontvangsten.
- Een nog niet ontvangen opbrengst komt bij de opbrengsten en bij de debiteuren op de eindbalans.
- Direct betaalde kosten komen bij kosten en uitgaven. Nog niet betaalde kosten komen bij kosten en crediteuren.
- Een ontvangen lening komt bij ontvangsten en vreemd vermogen, niet bij omzet.
- Stortingen en onttrekkingen van de eigenaar lopen via beschikbare middelen en eigen vermogen, niet via de resultatenrekening.
Afschrijving is geen betaling
Afschrijving is waardevermindering van een vast actief door gebruik of tijd. Het is een kostenpost en verlaagt de boekwaarde. Lineair: jaarlijkse afschrijving = (aanschafwaarde - restwaarde) / levensduur. In het lesvoorbeeld geeft (€ 100.000 - € 20.000) / 4 jaarlijks € 20.000.
Bij de degressieve boekwaardemethode wordt een vast percentage van de resterende boekwaarde genomen. Het lesvoorbeeld begint met € 100.000 en schrijft 40% af: achtereenvolgens € 40.000, € 24.000, € 14.400 en € 8.640. Na vier jaar resteert € 12.960.
Week 4 · processen en kwaliteit
Inleiding organisatiekunde - week 4 - Processen 2627 VT KKWP (z.d.). Vindplaats: 916980, dia 6 en 8-28, inclusief afbeeldingen en notitiesEen proces zet input via samenhangende activiteiten om in output met een duidelijk doel. Het heeft een begin en een einde. De les plaatst activiteiten binnen processen, processen binnen systemen en systemen binnen een keten. In het 7S-model heet de dimensie systemen; processen zijn geen aparte S.
De waardeketen van Porter onderscheidt primaire activiteiten: inkomende logistiek, operaties of productie, uitgaande logistiek, marketing en verkoop, service en nazorg. Ondersteunend zijn bedrijfsinfrastructuur, personeelsmanagement, technologie en inkoop. Onderzoek welke activiteiten voor jouw bedrijf relevant zijn en waar de meeste waarde ontstaat.
Maak een flowchart van het primaire proces: wat gebeurt er, waarom en in welke volgorde? De les noemt BPMN als manier om processen schematisch te beschrijven. De volledige notatieregels zijn niet uitgewerkt.
| RASCI-rol | Vraag |
|---|---|
| Responsible | Wie voert het proces uit? |
| Accountable | Wie draagt de eindverantwoordelijkheid? |
| Support | Wie ondersteunt? |
| Consulted | Wie geeft advies? |
| Informed | Wie wordt geïnformeerd over voortgang of besluiten? |
| PDCA | Wat je doet |
|---|---|
| Plan | Formuleer waaraan de processtap moet voldoen. |
| Do | Voer uit en meet het feitelijke resultaat. |
| Check | Vergelijk het resultaat met het doel. |
| Act | Onderneem actie bij afwijkingen. |
Bij plannen noemt de les onder meer productiehoeveelheid, push of pull, ERP, Just-in-Time, SLA’s en KPI’s. Alleen de namen staan op de dia; de volledige definities komen uit Edumundo. Bij procesaanpassing denk je vanuit de klant en het geheel, beperk je schakels, betrek je medewerkers en gebruik je passende bedrijfsmiddelen en ICT.
| Standaard of richtlijn | Onderwerp |
|---|---|
| ISO 9001 | Kwaliteitsmanagementsysteem |
| ISO 26000 | Maatschappelijke verantwoordelijkheid; expliciet een richtlijn |
| ISO 31000 | Risicomanagement; expliciet een richtlijn |
De les noemt efficiëntie, risicobeheersing en vertrouwen als voordelen van standaardisering en certificering. Behandel de genoemde richtlijnen niet automatisch als certificaten van jouw bedrijf. Lean en ICT worden voor verdere verdieping verwezen naar Edumundo en andere onderwijsactiviteiten.
Week 5 · financiën van het bedrijf
Inleiding Organisatiekunde - week 5 - Financien - financiele overzichten en ratio’s (z.d.); Inleiding Organisatiekunde - week 7 - Financien - Cultuur 2627 (z.d.). Vindplaats: 921711, dia 13-41; afbeeldingsbestand image54.emf op dia 35; 930915, dia 29De financiële infographic koppelt gegevens uit de jaarrekening aan uitleg. Vaste activa worden uitgesplitst in immaterieel, materieel en financieel. Vlottende activa bevatten onder meer voorraden, debiteuren, vooruitbetaalde bedragen en liquide middelen. Het financieringsdeel laat eigen vermogen en lang en kort vreemd vermogen zien.
Bij lang vreemd vermogen noemt de les hypothecaire, investerings-, onderhandse, obligatie- en achtergestelde leningen en leasevormen. Bij kort vreemd vermogen staan onder meer rekening-courantkrediet, crediteuren, afnemerskrediet en te betalen bedragen. De les presenteert voorzieningen als aparte post in het financieringsschema, maar werkt hun inhoud niet in tekst uit.
EBIT is het bedrijfsresultaat en EBT de winst vóór belasting. EBITDA is volgens de Engelstalige benaming op de dia het resultaat vóór rente, belastingen, depreciation en amortization. De dia werkt het verschil tussen die laatste twee posten niet verder uit. Geef bij cijfers aan over welke periode ze gaan en houd resultaat en geldstromen uit elkaar.
Wat op de financiële infographic wordt verwacht
- Balans met uitgesplitste posten en gelijke totalen van activa en passiva.
- Resultatenrekening met omzet, inkoopwaarde, brutomarge, overige operationele kosten, bedrijfsresultaat, rente, belasting en netto resultaat.
- Verloop van het eigen vermogen.
- Twee ratio’s, met formule, uitkomsten, norm en bron van de norm.
Je mag het verloop van eigen vermogen of de ratio’s vervangen door een eigen financieel idee, als daar een boodschap in zit. Bij verdieping moet je uitleggen wat het overzicht of begrip betekent, wat onder de posten valt en wat de ratio’s over het bedrijf zeggen. Het liquiditeitsoverzicht is volgens week 7 geen verplicht onderdeel van de financiële infographic, maar hoort wel bij de kennisstof.
Week 5 · ratio’s berekenen en beoordelen
Inleiding Organisatiekunde - week 5 - Financien - financiele overzichten en ratio’s (z.d.); IORG - MC-vragen Financien oefentoets (z.d.). Vindplaats: 921711, dia 43-49, afbeeldingen dia 45-48 en notities; 930918, financiële oefentoetsEen ratio is pas betekenisvol als je uitlegt wat zij meet en waarmee je vergelijkt. De les laat bij rentabiliteit zowel een vaste norm als een branchegemiddelde zien. Liquiditeit gaat over de betalingspositie, solvabiliteit over de financieringsverhouding en rentabiliteit over resultaat ten opzichte van vermogen. Activiteitenratio’s laten zien hoe actief het geïnvesteerde geld wordt gebruikt.
| Liquiditeit en solvabiliteit | Formule uit de dia |
|---|---|
| Netto werkkapitaal | Vlottende activa - kortlopende schulden |
| Current ratio | Vlottende activa / kortlopende schulden |
| Quick ratio | (Vlottende activa - voorraden) / kortlopende schulden |
| Debt ratio | Vreemd vermogen / totaal vermogen |
| Solvabiliteitsratio | Eigen vermogen / totaal vermogen |
| Rentedekkingsfactor | Bedrijfsresultaat / rentekosten |
| Rentabiliteit | Formule uit de dia |
|---|---|
| RTV | Bedrijfsresultaat / gemiddeld geïnvesteerd totaal vermogen × 100% |
| RVV | Rentekosten / gemiddeld geïnvesteerd vreemd vermogen × 100% |
| REV na belasting | Winst na belasting / gemiddeld geïnvesteerd eigen vermogen × 100% |
| Activiteit | Formule uit de dia |
|---|---|
| Omzetsnelheid totaal vermogen | Omzet / gemiddeld totaal vermogen |
| Debiteurentermijn | Gemiddeld debiteurensaldo / verkopen op rekening × 365 dagen |
| Crediteurentermijn | Gemiddeld crediteurensaldo / inkopen op rekening × 365 dagen |
| Voorraadtermijn | Gemiddelde voorraad / (inkopen of inkoopwaarde van omzet of kostprijs van omzet) × 365 dagen |
Netto werkkapitaal is een bedrag in de gebruikte geldeenheid. Current ratio, quick ratio en rentedekkingsfactor zijn verhoudingsgetallen. Debt ratio en solvabiliteitsratio geven een aandeel; vermenigvuldig met 100% als je het als percentage wilt uitdrukken. Zo vergelijk je solvabiliteit met de lesnorm van 25%. RTV, RVV en REV zijn met de getoonde formules percentages. De termijnen zijn in dagen en de omzetsnelheid in aantal keer per jaar.
Een langere debiteurentermijn betekent langer wachten op klantbetalingen. Een langere crediteurentermijn betekent later betalen aan leveranciers. Bij de voorraadtermijn moeten teller en noemer op een vergelijkbare waarderingsbasis staan. De notities noemen voor handelsondernemingen de inkoopwaarde en voor productieondernemingen grondstoffen- of materiaalkosten of kostprijs van de omzet als mogelijke basis.
| Lesnorm uit dia 49 | Vergelijkingswaarde |
|---|---|
| Netto werkkapitaal | Groter dan 0 |
| Current ratio | Groter dan 1,5 |
| Quick ratio | Groter dan 0,8 |
| Solvabiliteit | Groter dan 25% |
| RTV | Groter dan 10% |
| Debiteurentermijn | Korter dan 30 dagen |
| Crediteurentermijn | Korter dan 30 dagen |
Week 6 · leiderschap en teams
Inleiding organisatiekunde - week 6 - Leiderschap Personeel 2627 - VT KKWP (z.d.). Vindplaats: 926780, dia 5-14, inclusief afbeeldingenDe les contrasteert management met leiderschap. Management legt de nadruk op efficiëntie, korte termijn, controle, feiten en cijfers. Leiderschap legt meer nadruk op effectiviteit, toekomst, motiveren, waarden en mensen. Dit zijn accenten voor het bespreken van gedrag.
| Stijl | Kernwoord van de dia |
|---|---|
| Transformationeel of charismatisch | Inspireren |
| Transactioneel | Waarderen |
| Autoritair | Controleren |
| Participatief | Innoveren |
| Gedeeld | Delen |
| Dienend | Faciliteren |
| Coachend | Stimuleren |
Blake en Mouton combineren aandacht voor mensen met aandacht voor productie. De teamstijl besteedt veel aandacht aan beide; de country-clubstijl meer aan mensen, de taakstijl meer aan productie. Hersey en Blanchard combineren taakgerichte en relatiegerichte sturing met taakvolwassenheid. De afbeelding onderscheidt instrueren, overtuigen, overleggen en delegeren.
De les geeft verschillende lijsten van leiderschapseigenschappen. Bij Covey staan onder meer proactief zijn, doelen en prioriteiten stellen, luisteren, samenwerken en blijven verbeteren. De andere lijsten noemen onder meer emotionele stabiliteit, zorgvuldigheid, visie, inspiratie, lef en integriteit. Kies concrete kenmerken die je kunt onderbouwen, bijvoorbeeld uit vacatures.
- Een team werkt aan een duidelijk doel en resultaat.
- Teamleden kiezen bewust voor betrokkenheid, hebben respect voor elkaar en werken zelfstandig.
- Verantwoordelijkheden en besluitvorming zijn duidelijk; kwaliteiten van leden worden benut.
- Presteren en leren gaan samen met plezier en enthousiasme.
Onderzoek ook de inrichting van het bestuur. De les noemt directie, raad van commissarissen, raad van toezicht en medezeggenschap. De uitgebreide bestuursvormen staan in Edumundo; uit de titels alleen volgt geen volledige definitie of juridische beoordeling.
De blauwdruk voor duurzaam leiderschap noemt vijf eigenschappen: bedoeling, ambitieus, consistent, samenwerkingsbereid en verantwoordelijk. De afbeelding verbindt die met SDG’s in de strategie, resultaten op lange termijn, samenhang tussen zeggen en doen, samenwerken met stakeholders en transparant omgaan met gevolgen en risico’s.
Week 6 · personeel en HRM
Inleiding organisatiekunde - week 6 - Leiderschap Personeel 2627 - VT KKWP (z.d.). Vindplaats: 926780, dia 17-29, inclusief afbeeldingenHRM verbindt personeelsactiviteiten met uitkomsten voor medewerkers en organisatieprestaties. Werving, selectie, training, beloning, participatie en coaching kunnen samenhangen met motivatie, tevredenheid, vertrouwen en behoud. De les zet die uitkomsten naast productiviteit, kwaliteit, klanttevredenheid en financiële prestaties.
| IDU | Onderdelen uit de les |
|---|---|
| Instroom | Vacature, voorselectie, selectiegesprekken, arbeidsvoorwaarden, aanname en introductie. |
| Doorstroom | Evaluatie, beloning, ontwikkeling, horizontale en verticale beweging, ziekteverzuim en werkstress. |
| Uitstroom | Vrijwillig of gedwongen vertrek, ontslag en exitgesprekken. |
Het Fombrun-schema verbindt werving en selectie aan prestatie, beoordeling, beloning en ontwikkeling. Personeelsplanning loopt over de drie fasen heen. De afgebeelde evaluatiecyclus toont plannings-, ontwikkel-, functionerings- en beoordelingsgesprekken. Het getoonde jaarritme is een voorbeeld, geen vaste verplichting voor elk bedrijf.
Kwaliteit van werk en regelmogelijkheden
Onderzoek werk met vier invalshoeken: arbeidsvoorwaarden, arbeidsomstandigheden, arbeidsinhoud en arbeidsrelaties. De les noemt afwisseling, leren, zelfstandigheid, goede samenwerking, zinvol werk en erkenning als kenmerken van aantrekkelijk werk. Het ontbreken ervan kan samengaan met stress, ziekteverzuim en verloop.
| Karasek | Lage regelcapaciteit | Hoge regelcapaciteit |
|---|---|---|
| Lage regelnoodzaak | Saai werk | Vrijblijvend werk |
| Hoge regelnoodzaak | Slopend werk | Uitdagend werk |
Bij hoge eisen en weinig mogelijkheden om zelf te sturen zijn stressrisico’s een aandachtspunt. Hoge eisen met veel regelmogelijkheden bieden meer ruimte voor leren. De les laat studenten hun eigen werk hiermee onderzoeken.
Week 7 · gebeurtenissen verwerken
Inleiding Organisatiekunde - week 7 - Financien - Cultuur 2627 (z.d.); IORG - MC-vragen Financien oefentoets (z.d.). Vindplaats: 930915, dia 18-34; EMF-afbeeldingen dia 19 en 34; 930918De oefening start met een beginbalans en een gelijke kopie als eindbalans. Verwerk daarna gebeurtenissen steeds in de bijbehorende overzichten. Controleer na iedere gebeurtenis of de eindbalans nog in evenwicht is. Kosten en uitgaven worden in het gebruikte Excel-format als negatieve bedragen ingevoerd.
| Gebeurtenis | Resultaat | Geld en balans |
|---|---|---|
| Klant betaalt een bestaande vordering | Geen nieuwe omzet. | Ontvangst; debiteuren dalen en beschikbare middelen stijgen. |
| Bestaande leveranciersschuld betalen | Geen nieuwe kosten. | Uitgave; crediteuren en beschikbare middelen dalen. |
| Verkoop die later wordt betaald | Opbrengst in de resultatenrekening. | Vordering op de eindbalans, nog geen ontvangst. |
| Kosten die later worden betaald | Kosten in de resultatenrekening. | Schuld op de eindbalans, nog geen uitgave. |
| Lening opnemen of aflossen | Geen opbrengst of kosten voor de hoofdsom. | Ontvangst of uitgave; vreemd vermogen verandert. |
| Aandelenkapitaal storten of terugkopen | Geen opbrengst of kosten. | Ontvangst of uitgave; eigen vermogen verandert. |
| Afschrijven | Kosten in de resultatenrekening. | Boekwaarde van vaste activa daalt; geen betaling door de afschrijving zelf. |
Vooruitbetaalde kosten worden voor het verbruikte deel in de resultatenrekening opgenomen en op de eindbalans afgeboekt. Bij voorraadgebruik wordt het benodigde deel inkoopwaarde en blijft het restant op de eindbalans staan.
De broncasus gebruikt onder meer een machine van € 107.000 met een restwaarde van € 37.000 en een lineaire levensduur van 10 jaar. Jaarlijkse afschrijving: (€ 107.000 - € 37.000) / 10 = € 7.000. Deze berekening volgt uit de gegeven casus en de formule uit week 3. De les vermeldt dat de afschrijving van een later gekochte machine pas in 2027 begint.
Week 7 · cultuur en gedeelde waarden
Inleiding Organisatiekunde - week 7 - Financien - Cultuur 2627 (z.d.). Vindplaats: 930915, dia 35-46 en notitiesCultuur bestaat uit gedeelde normen, waarden en gedragsuitingen. Normen gaan over welk gedrag passend is; waarden over wat belangrijk en nastrevenswaardig is. Cultuur ordent, ondersteunt communicatie en bindt mensen. Kleding en kantoorinrichting zijn zichtbaar; ingesleten opvattingen en gedrag zijn moeilijker te doorgronden.
| Ui-model van Hofstede | Betekenis |
|---|---|
| Symbolen | Zichtbare voorwerpen, taal en handelingen. |
| Helden | Personen die als voorbeeld gelden. |
| Rituelen | Collectieve activiteiten die sociaal belangrijk zijn. |
| Waarden en grondbeginselen | Diepere opvattingen over goed en slecht gedrag, in de kern van de cultuur. |
Een website laat aanwijzingen zien, maar is meestal onvoldoende om de hele cultuur te kennen. Het IKEA-voorbeeld in de les verbindt samenhorigheid, eenvoud, kostenbewustzijn en duurzaamheid aan waarden, introductieprogramma’s aan rituelen, rolmodellen aan helden en logo of productnamen aan symbolen.
| Handy | Richtinggevende kern |
|---|---|
| Rolcultuur | Regels en procedures. |
| Machtscultuur | De leider of kleine leidende groep. |
| Persoonscultuur | De professional en diens autonomie. |
| Taakcultuur | De opdracht, resultaten en expertise. |
Handy combineert in deze les machtsspreiding en samenwerkingsgraad. Quinn gebruikt andere assen: interne of externe gerichtheid en flexibiliteit of stabiliteit en beheersing. Een gelijksoortig woord in twee modellen maakt hun indelingen niet uitwisselbaar.
| Quinn | Gerichtheid | Accent |
|---|---|---|
| Clan | Intern en flexibel | Samenwerking en betrokkenheid. |
| Adhocratie | Extern en flexibel | Vernieuwing en experimenteren. |
| Markt | Extern en stabiel | Prestaties en concurrentie. |
| Hiërarchie | Intern en stabiel | Procedures en beheersing. |
De les bespreekt ook landelijke cultuurverschillen via machtsafstand, individueel of collectief, masculien of feminien, onzekerheidsvermijding en tijdshorizon. De uitleg contrasteert onder meer individuele gerichtheid met groepsverbondenheid, concurrentie met samenwerking, onzekerheid met regels en korte met lange termijn. Dit is een kader voor vergelijking, geen beschrijving van iedere persoon in een land.
De opdracht vraagt een vergelijking van landen waarin het bedrijf actief is met de Country comparison tool. De tooluitkomsten zijn niet lokaal beschikbaar; daarom geeft deze site geen landenscores. Onderzoek daarna wat mogelijke verschillen betekenen voor de aansturing.
Week 8 en 9 · afronden en onderbouwen
Collegeopbouw en canvas (z.d.); Toetsing (z.d.). Vindplaats: 851723 Collegeopbouw en canvas; 851726 Toetsing; dump: Inleverpunten infographics en feedbackformulierWeek 8 is bedoeld voor afronding van de presentatie; week 9 voor het assessment. Er staan geen aparte lesbestanden voor deze weken in de dump. De acht onderwerpen zijn organisatie, strategie, structuur, processen, financiën, leiderschap, personeel en cultuur.
Maak voor elk onderwerp een infographic en voeg een titel- en afsluitende slide toe. Per infographic verdiep je één model: leg niet alleen de onderdelen uit, maar ook het doel en de herkenning in het toegewezen bedrijf. Beide studenten moeten vragen over alle onderdelen kunnen beantwoorden.
De toetsingspagina vraagt per infographic minimaal zes inhoudelijke zaken en een duurzaamheidsaspect. De cultuurles geeft de expliciete uitzondering van vier zaken. Vorm en inhoud moeten beide voldoende zijn. De kennisquizzen op deze site helpen herhalen; de beoordeling zelf draait om de onderbouwde toepassing op jouw bedrijf.
Wat er nog niet in zit
Lokale bestandeninventaris en alle Description.Text/Html in courses.TBVIOR01, dump 13 oktober 2026De volledige Edumundo-modules Duurzaamheid in bedrijf & Inleiding Organisatiekunde 2026/2027 en Fundamenten Finance & Control TBK 2026/2027 zijn niet opgehaald; deze site behandelt alleen wat in de lokale bronnen staat. De voorbereidingsvideo’s over balans, resultatenrekening, liquiditeitsoverzicht, afschrijving, btw en samenhang, de video’s over human relations en PDCA, en de Country comparison tool van Hofstede Insights/The Culture Factor ontbreken als broninhoud. Ook ontbreken het gekoppelde voorbereidings-PowerPoint en de Excel-rekenmodellen van week 3, 5 en 7, het feedbackformulier presentatie en de losse afbeeldingen in Brightspace (canvas, modellenoverzicht, huiswerk en Edumundo-leeswijzers). Bedrijfsspecifieke jaarverslagen en websites zijn niet verzameld. Week 8 en 9 hebben geen afzonderlijk lesbestand; hun functie staat wel in de planning. Niet uitgewerkte Edumundo-stof omvat onder meer het Waardepropositiecanvas, balanced scorecard, Lean en ICT, en de volledige uitwerking van configuraties, bestuursvormen en zelfstudieopdrachten.
Geraadpleegde lesbronnen
Lokale cursusbestanden TBVIOR01 en cursusdumpDe bronvelden bij de secties verwijzen naar onderstaande lesbestanden. De bestandsnummers helpen ze terugvinden. Docent- en studentnamen zijn op verzoek weggelaten; de vermeldingen gebruiken daarom de titel. Een publicatiedatum is niet voor elk document eenduidig vastgesteld, zodat de datum als z.d. is weergegeven. De cursusdump heeft als vastgelegde stand 13 oktober 2026.
- 2627 iORG - week 2 - Strategie & Structuur 2627 VT - KKWP. (z.d.). [PDF-lesdia’s]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 909065.
- Afspraken rondom aanwezigheid en voorbereiding. (z.d.). [Brightspace-pagina]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 891258.
- Brightspace-cursusdump TBVIOR01, stand 13 oktober 2026. (2026). [Cursusinhoudsopgave en beschrijvingen]. HAN Technische Bedrijfskunde. Lokale bron: bronnen/bs-dump-2026-10-13.json, courses.TBVIOR01.
- Collegeopbouw en canvas. (z.d.). [Brightspace-pagina]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 851723.
- Huiswerk Organisatie en Strategie en structuur. (z.d.). [Brightspace-pagina met verwijzing naar een niet meegeleverde afbeelding]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 914503.
- Inhoud, leerdoelen en organisatie. (z.d.). [Brightspace-pagina]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 851721.
- Inleiding organisatiekunde - week 1 - Organisaties 2627. (z.d.). [PowerPoint-lesdia’s]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 901848.
- Inleiding Organisatiekunde - week 3 - Workshop Financien. (z.d.). [PowerPoint-lesdia’s]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 914092.
- Inleiding organisatiekunde - week 4 - Processen 2627 VT KKWP. (z.d.). [PowerPoint-lesdia’s]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 916980.
- Inleiding Organisatiekunde - week 5 - Financien - financiele overzichten en ratio’s. (z.d.). [PowerPoint-lesdia’s]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 921711.
- Inleiding organisatiekunde - week 6 - Leiderschap Personeel 2627 - VT KKWP. (z.d.). [PowerPoint-lesdia’s]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 926780.
- Inleiding Organisatiekunde - week 7 - Financien - Cultuur 2627. (z.d.). [PowerPoint-lesdia’s]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 930915.
- Inleiding organisatiekunde - workshop presenteren 2627. (z.d.). [PDF-lesdia’s]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 915489.
- IORG - MC-vragen Financien oefentoets. (z.d.). [Word-oefentoets]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 930918.
- Lesmateriaal en hulpmiddelen. (z.d.). [Brightspace-pagina]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 851722.
- Planning assessments. (z.d.). [Brightspace-pagina; alleen de algemene assessmentplanning gebruikt]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 851724.
- Toetsing. (z.d.). [Brightspace-pagina]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 851726.
- Voorbeelden van modellen per onderwerp. (z.d.). [Brightspace-pagina met verwijzing naar een niet meegeleverde afbeelding]. HAN Technische Bedrijfskunde, Brightspace. Lokale bron 888070.